Dienstencheque in de kinderopvang: Wondermiddel of fetisj?

23/11/2005 - ABVV en ACV zijn geen voorstander van de uitbreiding van de dienstencheque naar de kinderopvang. Meer flexibele opvang en opvang voor zieke kinderen zijn nodig, maar hiervoor is de dienstencheque een slechte oplossing. Het systeem is veel te duur; met hetzelfde geld kunnen veel meer plaatsen gecreëerd worden via het grote netwerk van bestaande kinderopvangvoorzieningen.


Het is een asociaal systeem; minder verdienende of alleenstaande ouders kunnen geen beroep doen op een inkomensgebonden lagere prijs. De kwaliteit is niet gegarandeerd en de arbeidsvoorwaarden voor het personeel zijn slechter. Anderhalf jaar geleden schaarde een uitgebreid actieplatform zich mee achter dit standpunt.

Zoals Kind en Gezin reeds naar voor bracht: men moet niet doen alsof de kinderopvang vandaag al niet flexibel werkt. Om het nog flexibeler te maken moet de bevoegde minister werk maken van verdere verfijning van de regels én aanpassing van de subsidies, zodat het mogelijk wordt voor de voorzieningen om flexibeler te werken.

Het ongenuanceerde liberale plaatje dient vooral een inbraak in de kinderopvang te forceren voor de commerciële sector, met name de interim-sector die reeds met dienstencheques werkt in de poetsdiensten. Het is die interim-sector die voor de poetsdienstencheque met de slechtste arbeidsvoorwaarden werkt: contracten van gemiddeld 10 uur/week; geen opleiding en begeleiding voor het personeel, uitwassen als geen loon voor de dag waarop de gebruiker afbelt…

Om in de erkende en gecontroleerde kinderopvang te werken, moet je terecht voldoende opgeleid zijn en blijven. Met kinderen neem je geen risico’s. Hoge kwaliteit én kwaliteitscontrole zijn rode draad in het kinderopvangbeleid.
Hoe kan deze kwaliteit gegarandeerd worden bij thuisopvang? Enkel als thuisopvang ook gebeurt door erkende en gecontroleerde voorzieningen (net zoals bij thuisopvang voor volwassenen). En dus niet onderhevig is aan winstmotieven, want bij een dienstencheque-betoelaging van 21 euro valt winst enkel te rapen door te besparen op de kwaliteit van de dienst of op het loon en de kwaliteit van werken voor het personeel. De dienstencheque-erkenning bevat bovendien géén enkel kwaliteitscriterium, noch kwaliteitscontrole.

Moet de overheid betalen en het mogelijk maken dat voor elk gezin thuis opvang voorzien wordt in gelijk welke omstandigheid? Is dit verantwoorde besteding van overheidsgeld? Wij denken het niet. Gesubsidieerde kinderopvang thuis is maatschappelijk verantwoord bij ziekte en extreme flexibele werkuren van de ouder(s). Die opvang moet dan ook betaalbaar blijven en kwaliteitsvol zijn, en verantwoordt de (dure) inzet van één personeelslid voor één kind. Maar daarvoor hebben we geen dienstencheque nodig! Het kwaliteitsvol netwerk van kinderopvang-voorzieningen dat Vlaanderen rijk is, moet in staat gesteld worden tegemoet te komen aan deze flexibele noden van werkende ouders.

Werkende ouders en hun kinderen zullen op deze manier veel beter af zijn. Daarvoor is geen fetisj als de dienstencheque nodig…

Contact

  • Caroline Copers - Algemeen Secretaris - 02 506 82 06

Zoek op trefwoord

dienstencheques kinderopvang